Antioxidanten & chemotherapie

PlaceboNocebo 22

Het gebruik van antioxidanten tijdens een kankerbehandeling die gericht is op het beschadigen van DNA en kankercellen met behulp van vrije radicalen is controversieel. In theorie zouden de antioxidanten namelijk ook de kankercellen beschermen tegen beschadiging.

Uit een grondig onderzoek van beschikbare wetenschappelijke studies blijkt dat antioxidanten vooral gunstige effecten hebben:

  • ze beschermen gezonde cellen tegen beschadiging
  • ze voorkomen of beperken de bijwerkingen van chemotherapie en straling
  • ze versterken de werking van chemotherapie en straling
  • ze verhogen de overlevingskans

Stoffen zoals vitamine C, N-acetylcysteïne, glutathion, vitamine E, selenium, curcumine, EGCG, enz. zijn niet alleen antioxidanten. Ze wijzigen de activiteit van genen die betrokken zijn bij verschillende antikankermechanismen. Ze verhogen de immuniteit, ondersteunen de detoxificatie, verminderen ontsteking en beïnvloeden verschillende biochemische en metabole routes die betrokken zijn bij het ontstaan en de groei van kanker. Van verschillende antioxidanten is ondertussen aangetoond dat ze ook pro-oxidanten zijn (als onderdeel van het immuunsysteem). De term ‘antioxidant’ is dus veel te beperkt voor deze stoffen.

De grote meerderheid van de studies met antioxidanten laten positieve resultaten zien, zowel wat betreft preventie als behandeling van kanker. In sommige studies vindt men noch een gunstig effect, noch een ongunstig effect (geen verschil). Slechts weinig studies rapporteren een ongunstig effect en de meeste daarvan zijn ofwel met synthetische antioxidanten gedaan of in een laboratorium, in een proefbuisje.

Synthetische stoffen werken niet op dezelfde manier als natuurlijke stoffen en stoffen gedragen zich anders in het lichaam dan in een proefbuisje.

Eenzijdige in vitro of in vivo experimenten die alleen kijken naar het antioxidant effect op de aanmaak van zuurstofradicalen door chemotherapeutische medicijnen, zijn geen goed model voor wat een antioxidant in een levend lichaam doet. Ze laten de andere antikankermechanismen van antioxidanten buiten beschouwing. Ook korte experimenten doen geen recht aan de effecten van antioxidanten die pas na enkele dagen goed op gang komen: pro-oxidatieve effecten en wijziging van de activiteit van genen.

©Hilde Maris

Meer info
Kanker begrijpen. De wijsheid van het lichaam.

 

Referenties

  1. Nakayama A, Alladin KP, Igbokwe O, et al. Systematic review: generating evidence-based guidelines on the concurrent use of dietary antioxidants and chemotherapy or radiotherapy. Cancer Invest. 2011 Dec;29(10):655-67.
  2. Parasassi T, Brunelli R, Costa G, et al. Thiol redox transitions in cell signaling: a lesson from N-acetylcysteine. ScientificWorldJournal. 2010 Jun 29;10:1192-202.
  3. Simone CB 2nd, Simone NL, Simone V, et al. Antioxidants and other nutrients do not interfere with chemotherapy or radiation therapy and can increase kill and increase survival, part 1. Altern Ther Health Med. 2007 Jan-Feb;13(1):22-8.
  4. Simone CB 2nd, Simone NL, Simone V, et al. Antioxidants and other nutrients do not interfere with chemotherapy or radiation therapy and can increase kill and increase survival, Part 2. Altern Ther Health Med. 2007 Mar-Apr;13(2):40-7.

Ook in PlaceboNocebo 22

3 Zo zien wij het

10 Biochemie

14 Medisch

18 Voeding

22 Voeding

  • Tomaten

    Bron van natuurlijke chemopreventieve stoffen

30 Fytotherapie

34 Therapie

38 Diagnostiek

42 Vraag aan de lezers

46 Bewustzijn

54 Immuniteit