Heb je al toegang tot de bibliotheek of dit specifieke nummer? Log dan in om verder te lezen.
Wil je graag verder lezen? Abonneer je op de digitale bibliotheek of koop deze editie
Voedselintoleranties
Weer alles kunnen eten met de juiste aanpak
Naar schatting twintig procent van de bevolking heeft last van een of meerdere voedselintoleranties. Dat wil zeggen dat ze bepaalde voedingsmiddelen of voedingsstoffen niet goed verteren, niet goed opnemen of niet goed kunnen afbreken. Dat geeft vaak maagdarmklachten, maar het kan ook een oorzaak zijn van heel veel uiteenlopende lichamelijke en mentale klachten. Het verschil met een voedselallergie is dat bij voedselintolerantie niet de typische immunologische IgE reactie tegen een eiwit plaatsvindt. Toch kan een voedselintolerantie evengoed gepaard gaan met de aanmaak van antilichamen. Het verschil is niet altijd zo duidelijk en de onderliggende oorzaken zijn sterk overlappend. De bekendste voedselintoleranties zijn glutenintolerantie, lactose-intolerantie, fructose-intolerantie, FODMAP-intolerantie en histamine-intolerantie, maar in principe kan je intolerant zijn of worden voor elk voedingsmiddel of elke voedingsstof, voor suikers, eiwitten of vetten, voor natuurlijke en chemische additieven, voor bioactieve stoffen in de voeding, … Alles wat je lichaam niet kan verteren, opnemen en verwerken, kan in mindere of meerdere mate klachten veroorzaken. Sommige mensen zijn intolerant of ‘overgevoelig’ voor zóveel voedingsmiddelen dat ze bijna niets kunnen eten. Het schrappen van voedsel dat je niet verdraagt, lijkt logisch, maar het pakt de oorzaak niet aan en het zorgt er niet voor dat je er wel tolerant voor wordt. Als je de oorzaken behandelt, hoef je niet levenslang bepaalde voedingsmiddelen te vermijden.
Heb je al toegang tot de bibliotheek of dit specifieke nummer? Log dan in om verder te lezen.
Wil je graag verder lezen? Abonneer je op de digitale bibliotheek of koop deze editie