Dotteren & stents veroorzaken atherosclerose en vernauwde bloedvaten…

PlaceboNocebo 27

Twee veel toegepaste medische procedures om vernauwde slagaders te openen zijn angioplastiek en het plaatsen van een stent. Bij angioplastiek - ook wel dotteren genoemd - wordt een ‘ballon’ door de slagaders naar de vernauwing geleid, waar de ballon ‘opgeblazen’ wordt, zodat de plaque tegen de vaatwand gedrukt wordt en de slagader verwijd wordt. Soms wordt daarbij ook een stent aangebracht. Een stent is een metalen of kunststof buisje dat permanent in een slagader geplaatst wordt om te voorkomen dat het bloedvat opnieuw vernauwt.

Door deze ingreep kan het bloed weer vrij stromen en worden organen en ledematen weer van zuurstof voorzien. Het probleem is dat dit effect tijdelijk is, dat de procedures behoorlijke risico’s inhouden en dat ze niets doen aan de oorzaken van de vernauwing (stenose).

Ze veroorzaken juist nog meer schade aan de bloedvaten, door de wrijving tegen de vaatwanden, door de plaque tegen de vaatwanden te drukken en door de aanwezigheid van een vreemd voorwerp (stent). De vaatwanden reageren daarop met een verhoogde bloedstolling, een immuun- en ontstekingsreactie, en in een latere fase (na drie tot zes maanden) met het verdikken van de gladde spieren. Dat zijn dezelfde reacties die plaatsvinden wanneer bloedvaten door andere factoren beschadigd worden (vb. hoge bloedsuikerspiegel, oxidatieve stress, gebrek aan antioxidanten), wat juist de oorzaak van de vernauwde bloedvaten was… Het gevolg is een verhoogd risico op trombose, nieuwe atherosclerose (neo-atherosclerose) en opnieuw vernauwde bloedvaten (restenose) (Tesfamariam B, 2016; Komiyama H, 2015; Morel S, 2014).

Patiënten krijgen daarom na de ingreep bloedverdunners om trombose te voorkomen. In de nieuwere stents zitten medicijnen die de vorming van littekenweefsel en het verdikken van de gladde spieren verhinderen, wat het risico op restenose vermindert. Het zijn kankermedicijnen zoals paclitaxel en sirolimus, die proliferatie (celgroei) remmen. Deze medicijnen beschadigen de bloedvaten, veroorzaken endotheel disfunctie, remmen het herstel van de bloedvatwand en verhogen het risico op trombose (Mitsutake Y, 2016; Aizawa K, 2015).

Wanneer de bloedvaten na angioplastiek of het plaatsen van een stent opnieuw vernauwd zijn, wordt dat behandeld met nog meer angioplastiek en eventueel een stent in een stent…

Suppletie met bepaalde nutriënten - vooral antioxidanten en ontstekingsremmende stoffen - kan restenose en complicaties van angioplastiek en stents voorkomen: B-vitaminen, foliumzuur (methyltetrahydrofolaat), vitamine C, omega-3 vetzuren, magnesium, flavonoïden, resveratrol, quercetine, curcumine, … (Roth A, 1994; Tomoda H, 1996; de Lorgeril M, 2003; Lee KM, 2006; Jang HS, 2009; Khandelwal AR, 2012).

Mogelijke complicaties van angioplastiek en stents

  • allergische reactie op de medicijnen in een stent
  • schade aan de slagaders (verwonding, perforatie, scheuren)
  • schade aan zenuwen (pijn, gevoelloosheid)
  • nierfalen (mensen met bestaande nierziekten hebben een hoger risico)
  • trombose
  • bloedklonters in de benen of longen
  • hartaanval
  • beroerte
  • nieuwe atherosclerose (neo-atherosclerose)
  • opnieuw vernauwde bloedvaten (restenose)

©Hilde Maris

Meer info
Hart- en vaatziekten worden uitgebreid besproken in PlaceboNocebo 27 en PlaceboNocebo 28.

 

Referenties

  1. Aizawa K, Takahari Y, Higashijima N, et al. Nicorandil prevents sirolimus-induced production of reactive oxygen species, endothelial dysfunction, and thrombus formation. J Pharmacol Sci. 2015 Mar;127(3):284-91.
  2. de Lorgeril M, Salen P. Dietary prevention of post-angioplasty restenosis. From illusion and disillusion to pragmatism. Nutr Metab Cardiovasc Dis. 2003 Dec;13(6):345-8.
  3. Jang HS, Nam HY, Kim JM, et al. Effects of curcumin for preventing restenosis in a hypercholesterolemic rabbit iliac artery stent model. Catheter Cardiovasc Interv. 2009 Nov 15;74(6):881-8.
  4. Khandelwal AR, Hebert VY, Kleinedler JJ, et al. Resveratrol and quercetin interact to inhibit neointimal hyperplasia in mice with a carotid injury. J Nutr. 2012 Aug;142(8):1487-94.
  5. Komiyama H, Takano M, Hata N, et al. Neoatherosclerosis: Coronary stents seal atherosclerotic lesions but result in making a new problem of atherosclerosis. World J Cardiol. 2015 Nov 26;7(11):776-83.
  6. Lee KM, Park KG, Kim YD, et al. Alpha-lipoic acid inhibits fractalkine expression and prevents neointimal hyperplasia after balloon injury in rat carotid artery. Atherosclerosis. 2006 Nov;189(1):106-14.
  7. Mitsutake Y, Ueno T, Ikeno F, et al. Serial changes of coronary endothelial function and arterial healing after paclitaxel-eluting stent implantation. Cardiovasc Interv Ther. 2016 Jan;31(1):21-8.
  8. Morel S. Multiple roles of connexins in atherosclerosis- and restenosis-induced vascular remodelling. J Vasc Res. 2014;51(2):149-61.
  9. Roth A, Eshchar Y, Keren G, et al. Effect of magnesium on restenosis after percutaneous transluminal coronary angioplasty: a clinical and angiographic evaluation in a randomized patient population. A pilot study. The Ichilov Magnesium Study Group. Eur Heart J. 1994 Sep;15(9):1164-73.
  10. Tesfamariam B. Endothelial Repair and Regeneration Following Intimal Injury. J Cardiovasc Transl Res. 2016 Apr;9(2):91-101.
  11. Tomoda H, Yoshitake M, Morimoto K, et al. Possible prevention of postangioplasty restenosis by ascorbic acid. Am J Cardiol. 1996 Dec 1;78(11):1284-6.

 

Ook in PlaceboNocebo 27

3 Zo zien wij het

10 Medisch

18 Medisch

30 Voeding

38 Nutriënten

  • Kalium

    Bloeddruk, hartritme, vochtbalans & zuur-base evenwicht

46 Bewustzijn

50 Medicijnen