Humaan papillomavirus & baarmoederhalskanker

Wat is het verband?

PlaceboNocebo 35

Baarmoederhalskanker ontwikkelt zich uit abnormale cellen in de baarmoederhals - cervicale dysplasie of cervicale intra-epitheliale neoplasie (CIN). Hoewel CIN heel veel voorkomt, krijgen de meeste vrouwen met deze goedaardige woekeringen geen baarmoederhalskanker.

Cervicale dysplasie wordt gelinkt aan infectie met het humaan papillomavirus (HPV). Sinds enkele jaren worden daarom campagnes gevoerd om meisjes rond de leeftijd van twaalf jaar (voor ze seksueel actief zijn) te vaccineren met het HPV-vaccin. In verschillende landen raadt men aan om ook jongens te vaccineren. Het HPV-vaccin zou op basis van hypothetische modellen 70% van de baarmoederhalskankers voorkomen. Dat is echter nooit aangetoond. Baarmoederhalskanker ontwikkelt zich heel traag. Het duurt twintig tot dertig jaar voor milde cervicale dysplasie zich ontwikkelt tot kanker. Slechts een fractie van HPV-infecties leidt tot baarmoederhalskanker. Er zijn veel andere, belangrijkere factoren dan HPV die bijdragen aan baarmoederhalskanker en die niet door het vaccin beïnvloed worden. Bovendien is het HPV-vaccin gelinkt aan ernstige neurologische complicaties die moeilijker te behandelen zijn dan een HPV-infectie.

Om dit artikel te lezen, heb je een online abonnement nodig. Log in of klik hier voor de mogelijkheden.